Citaten: integendeel

Citaten 1 t/m 9 van 9.

1
  • Heinrich Heine
    Heinrich Heine
    Duits dichter 1797-1856
    ajax-loader
    - +
    +23

    Ik zou niet graag willen beweren dat vrouwen geen karakter hebben; integendeel: ze hebben bijna iedere dag een ander.

  • Karl Marx
    Karl Marx
    Duits econoom en staatsfilosoof 1818-1883
    ajax-loader
    - +
    +16

    Het is niet de wijze van denken van de mens, die zijn wijze van leven verklaart, doch integendeel zijn wijze van leven, die zijn wijze van denken verklaart.

  • Carmen Sylva
    Carmen Sylva
    Ps. van  Elisabeth zu Wied, Koningin van Roemenië 1843-1916
    ajax-loader
    - +
    +8

    Het geduld is niet passief. Integendeel, het is actie, het is geconcentreerde kracht.

    Bron: Pensées XI, 2

  • Sören Kierkegaard
    Sören Kierkegaard
    Deens filosoof 1813-1855
    ajax-loader
    - +
    +8

    Op zich is ledigheid helemaal geen duivels oorkussen, integendeel het is gewoonweg een goddelijk leven zolang men zich niet verveelt.

  • Jacques C. Bloem
    Jacques C. Bloem
    Nederlands letterkundige 1887-1966
    ajax-loader
    - +
    +6

    Liefde maakt geenszins blind, integendeel. Liefde maakt helderziend, maar helaas tevens, dat men het geziene ontveinst.

  • Jean Paul
    Jean Paul
    Duits dichter (ps. van Johann P.F. Richter) 1763-1825
    ajax-loader
    - +
    +3

    Een huwelijk wordt niet gelukkig door liefde, integendeel. Een huwelijk wordt gelukkig door verstand.

  • Machiavelli
    Machiavelli
    Florentijns staatsfilosoof 1469-1527
    ajax-loader
    - +
    +1

    Geen enkele nieuwe heerser heeft ooit zijn onderdanen ontwapend. Integendeel, wanneer hij hen zonder wapenen aantrof, heeft hij hen steeds juist bewápend.

  • Charles-Ange Laisant
    Charles-Ange Laisant
    Frans politicus en wiskundige 1841-1920
    ajax-loader
    - +
     0

    Het voortgezet onderwijs, dat een opwekking van energie moest zijn, is integendeel een moordernaar van energie.

  • Emile Zola
    Emile Zola
    Frans schrijver 1840 - 1902
    ajax-loader
    - +
    -1

    Het is niet waar, dat de arbeid aan de mensen als straf voor de zonde is opgelegd; het is integendeel een eer, een adel, het kostbaarste goed, de vreugde, de gezondheid, de kracht, de ziel der wereld zelf, die altijd de toekomst baart en schept.

    Origineel: Il n'est pas vrai que le travail soit imposé aux hommes en châtiment du péché; il est au contraire un honneur, une noblesse, le plus précieux des biens, la joie, la santé, la force, l'âme même du monde, qui toujours est en labeur, en création du futur.

    Bron: Fécondité 746

1