Citaten van noemt

  • Wat de rups het einde noemt, noemt de rest van de wereld een vlinder.
  • Wie de waarheid niet kent is gewoon een dwaas. Maar wie haar kent en haar een leugen noemt, is een crimineel.
  • Het gebrek aan oordeel is eigenlijk wat men domheid noemt, en een dergelijke aandoening kan niet worden verholpen.
  • Ik zou willen dat men over mijn naam zweeg en zich niet Lutheraan maar Christen noemt. Wat is Luther? De waarheid is toch niet van mij! En ik ben ook voor niemand gekruisigd. [...] Hoe zou ik, arme, stinkende madenzak er dan toe komen dat de kinderen van Christus zich naar mijn naam zouden noemen?
  • Liefde is slechts een systeem om ervoor te zorgen dat iemand je na het vrijen je lieveling noemt.
  • Terugkeer tot de wortels, dat is stilte. Men noemt dat: terug naar het wezenlijke.
  • Goede schilderijen, ook al noemt men ze landschap of stilleven, zijn immer zelfportretten.
  • Wil God kwaad voorkomen, maar kan hij niet? Dan is hij niet almachtig. Kan hij wel, maar wil hij niet? Dan is hij kwaadaardig. Kan hij wel en wil hij wel? Waar komt dan het kwaad vandaan? Kan hij niet en wil hij niet? Waarom noemt men hem dan God?
  • Een werkloze erwt noemt men ook wel eens een doperwt.
  • Wat een rups het einde van de wereld noemt, noemen wij een vlinder.
+7

Citaten 1 t/m 10 van 77.

  • Juul Kinnaer
    Juul Kinnaer
    Belgisch dichter en aforist 1939-2005
    Juul Kinnaer
    - +
    +260
    Als men geen namen noemt weet tenminste iedereen over wie het gaat.
    Bron: Galstenen (1997) P. 38
  • Lao-Tse
    Lao-Tse
    Chinees filosoof +/- 600 v.C.
    Lao-Tse
    - +
    +240
    Wat de rups het einde noemt, noemt de rest van de wereld een vlinder.
  • Jean de La Fontaine
    Jean de La Fontaine
    Frans schrijver 1621-1695
    Jean de La Fontaine
    - +
    +82
    Iedereen noemt zich vriend; alleen een gek vertrouwt daarop: die naam is gewoon genoeg, maar echte vriendschap is zeldzaam.
    Origineel: Chacun se dit ami; mais fou qui s'y repose:/ Rien n'est plus commun que ce nom,/ Rien n'est plus rare que la chose.
    Bron: Fables (1668)
  • Epicurus
    Epicurus
    Grieks filosoof c.341-270 BC
    Epicurus
    - +
    +25
    Wil God kwaad voorkomen, maar kan hij niet? Dan is hij niet almachtig. Kan hij wel, maar wil hij niet? Dan is hij kwaadaardig. Kan hij wel en wil hij wel? Waar komt dan het kwaad vandaan? Kan hij niet en wil hij niet? Waarom noemt men hem dan God?
  • Herman van Veen
    Herman van Veen
    Nederlands cabaretier, zanger en musicus 1945-
    Herman van Veen
    - +
    +22
    Als ik tot god spreek, noemt men dat bidden. Als god tot mij spreekt, noemt men dat psychose.
  • Albert Camus
    Albert Camus
    Frans schrijver, essayist en Nobelprijswinnaar literatuur (1956) 1913-1960
    Albert Camus
    - +
    +19
    Wat men een reden om te leven noemt, is tevens een uitstekende reden om te sterven.
    Origineel: Ce qu'on appelle une raison de vivre est en même temps une excellente raison de mourir
    Bron: De mythe van Sisyphus (1942) p.16
  • Lao-Tse
    Lao-Tse
    Chinees filosoof +/- 600 v.C.
    Lao-Tse
    - +
    +17
    Terugkeer tot de wortels, dat is stilte. Men noemt dat: terug naar het wezenlijke.
  • Spinoza
    Spinoza
    Nederlands filosoof 1632-1677
    Spinoza
    - +
    +17
    Wat noemt men waarheid? De dwaling, die eeuwen oud is geworden?
  • Maarten Luther
    Maarten Luther
    Duits protestantse theoloog en reformator 1483-1546
    Maarten Luther
    - +
    +16
    Ik zou willen dat men over mijn naam zweeg en zich niet Lutheraan maar Christen noemt. Wat is Luther? De waarheid is toch niet van mij! En ik ben ook voor niemand gekruisigd. [...] Hoe zou ik, arme, stinkende madenzak er dan toe komen dat de kinderen van Christus zich naar mijn naam zouden noemen?
    Origineel: Zum ersten bitte ich, man wolle meines Namens schweigen und sich nicht »lutherisch«, sondern »Christ« nennen. Was ist Luther? Ist doch die Lehre nicht mein, ebenso bin ich auch für niemand gekreuzigt. [...] Wie käme denn ich armer, stinkender Madensack dazu, daß man die Kinder Christi mit meinem heillosen Namen benennen sollte?
    Bron: Eine treue Vermahnung zu allen Christen, sich zu hüten vor Aufruhr und Empörung (1522). Voor de volledige tekst zie: www.zeno.org
  • Bertolt Brecht
    Bertolt Brecht
    Duits - Oostenrijks schrijver 1898-1956
    Bertolt Brecht
    - +
    +11
    Wie de waarheid niet kent is gewoon een dwaas. Maar wie haar kent en haar een leugen noemt, is een crimineel.
    Origineel: Wer die Wahrheit nicht weiß, der ist bloß ein Dummkopf. Aber wer sie weiß und sie eine Lüge nennt, der ist ein Verbrecher.
    Bron: Leben des Galilei (1988) p.248
Alle noemt citaten, wijsheden, quotes en uitspraken vindt u nu al 20 jaar op citaten.net.