Citaten: uit Briefe von und an Goethe van Johann Wolfgang von Goethe

Citaten 1 t/m 2 van 2.

1
  • Johann Wolfgang von Goethe
    Johann Wolfgang von Goethe
    - +
    +8
    De mens moet wel blijven geloven, dat het onbegrijpelijke onbegrijpelijk is, anders ging hij niet verder met onderzoeken.
    Origineel: Der Mensch muss bei dem Glauben verharren, dass das Unbegreifliche begreiflich sei, er würde sonst nicht forschen.
    Bron: Briefe von und an Goethe
  • Johann Wolfgang von Goethe
    Johann Wolfgang von Goethe
    - +
    +1
    De oorlog is een ziekte, waarbij de sappen die tot de gezondheid en het behoud dienen, gebruikt worden om een vreemd en onnatuurlijk iets te voeden.
    Origineel: Der Krieg ist in Wahrheit eine Krankheit, wo die Säfte, die zur Gesundheit und Erhaltung dienen, nur verwendet werden, um ein Fremdes, der Natur Ungemäßes, zu nähren.
    Bron: Briefe von und an Goethe 13-12-1806
1
Johann Wolfgang von Goethe

Johann Wolfgang von Goethe

Duits schrijver en dichter
Leefde van: 1749-1832
Categorie: Dichters (Hedendaags) | Schrijvers (Hedendaags)
Bekijk alle citaten van Johann Wolfgang von Goethe.

Over Johann Wolfgang von Goethe

Goethe wordt op 28 augustus 1749 geboren als zoon van Johann Caspar Goethe en Katharina Elisabeth Textor. Op zijn 16e verhuist hij naar Leipzig alwaar hij Rechten gaat studeren. Op zijn 19e wordt hij echter ernstig ziek en keert terug naar Frankfurt. Twee jaar later begint hij wederom met Rechten, maar nu in Straatsburg. Hier ontmoet hij kunstenaars en schrijvers en enkele jaren later publiceert hij zijn eerste roman: Die Leiden des jungen Werthers. Hij wordt uitgenodigd door de Hertog Van Saksen-Weimar naar Weimar te komen waar hij een groot deel van zijn leven zal blijven wonen. In 1788 gaat hij met zijn vriendin Christiane Vulpius samenwonen en ze krijgen een zoon, August. Pas in 1806 trouwt hij met haar. Lang duurt dit niet, want hetzelfde jaar nog overlijdt zij. Twee jaar na de dood van zijn vrouw voltooit hij het eerste deel van zijn beroemdste werk: Faust. Het tweede deel wordt pas na zijn dood in 1832, gepubliceerd. Hij is 82 jaar oud geworden.