Gedichte eines Lebendigen - Georg Herwegh
Gedichte eines Lebendigen is een krachtige bundel politieke strijdliederen uit de Vormärz-periode die oproept tot democratie, vrijheid en verzet tegen de heersende tirannie. Het werk werd wereldberoemd omdat het de revolutionaire tijdgeest van de jaren 1840 perfect wist te vangen en Georg Herwegh op slag transformeerde tot de 'ijzeren lewerik' van de Duitse revolutie. De bundel is literair-historisch van groot belang vanwege de vurige retoriek die een hele generatie inspireerde en het boek tot een van de grootste bestsellers van de 19e-eeuwse politieke literatuur maakte.
Citaten 1 t/m 4 van 4.
-
Het is zo koud, die vreemde zonneschijn.
Ik wil, o, ik wil thuis zijn!Origineel:Es ist so kalt, der fremde Sonnenschein. Ich möchte, o, ich möchte zu Hause sein!
Gedichte eines Lebendigen Heimweh― Georg Herwegh -
Ik zou willen heengaan als het avondrood, en als de dag in zijn laatste avond gloren.
Origineel:Ich möchte hingehn wie das Abendrot Und wie der Tag in seinen letzten Gluten
Gedichte eines Lebendigen Strophen aus der Fremde II.
Voor de volledige tekst zie: gutenberg.spiegel.de― Georg Herwegh -
Je weet, je moet het zelf bouwen, die hemel waarin je geloven zal.
Origineel:Du weißt, man muß ihn selber bauen Den Himmel, dran man glauben soll.
Gedichte eines Lebendigen (1841-1843)― Georg Herwegh -
Heren, maakt ruimte voor de vleugelslag ener vrije ziel.
Origineel:Raum, ihr Herren, dem Flügelschlag Einer freien Seele.
Gedichte eines Lebendigen (1841-1843)― Georg Herwegh
Bekijk alle citaten van Georg Herwegh
Trefwoorden in deze citaten:
Vergelijkbare auteurs
-
Friedrich Nietzsche
Duits dichter en filosoof 411 -
Friedrich von Schiller
Duits dichter en toneelschrijver 164 -
Heinrich Heine
Duits dichter 90 -
Friedrich Rückert
Duits dichter 69 -
Jean Paul
Duits dichter (ps. van Johann P.F. Richter) 52 -
Novalis
Duits dichter en schrijver (ps. van Georg van Hardenberg) 48 -
Christian Morgenstern
Duits dichter 26 -
Emanuel Geibel
Duits dichter 21



Friedrich Nietzsche
Friedrich von Schiller
Heinrich Heine
Friedrich Rückert
Jean Paul
Novalis
Christian Morgenstern
Emanuel Geibel