Ars poetica - Horatius
Epistula ad Pisones ('Brief aan de Pisonen'), sinds Quintilianus bekend als Ars poetica ('Verhandeling over de dichtkunst'), is een brief van Horatius uit ca. 12 v.Chr over de dichtkunst. De verhandeling heeft grote invloed gehad en is het directe voorbeeld geweest voor L'Art Poetique van Nicolas Boileau (1636-1711). Hoewel het voor Horatius zelf om een brief als alle andere ging, is het epistel 'voor latere dichtergeneraties u2013 ook nog in de nieuwere tijd u2013 tot een evangelie geworden en meer dan één treffende formulering eruit hoort nog steeds tot de citatenschat der geletterde wereld.' Centraal staat volgens classicus Hein van Dolen de relatie poëzie-dichter, volgens zijn collega G.J.M. Bartelink de literaire kritiek. Het gaat niet om een volledig leerdicht, maar betreft een reeks voorschriften met een vrij losse samenhang, onder andere over de artistieke eenheid, stijl, oorspronkelijkheid en navolging, de betekenis van talent en van het onvermoeibaar polijsten van een dichtwerk.
Bestel dit boek bij bol.com
alle citaten van Horatius
Citaten 1 t/m 22 van 22.
-
Bedenk lang, wat uw schouders kunnen dragen en wat niet.
Ars poetica 39― Horatius -
Door de schijn van het goed worden wij bedrogen.
Ars poetica 7, 2― Horatius -
Het zien gaat boven het zeggen.
Ars poetica 180― Horatius -
Schilders en dichters hebben altijd de vrijheid gehad om te ondernemen wat zij wilden.
Ars poetica 9― Horatius -
Houd wat gij schrijft tot het negende jaar in portefeuille.
Origineel:Nonum prematur in annum.
Ars poetica 889― Horatius -
Zo ge wenst dat ik ween, toon u eerst zelf geroerd.
Ars poetica 102― Horatius -
De grammatici strijden er over, en de zaak is nog onbeslist.
Ars poetica 78― Horatius -
Een trouw vertaler moet niet woordelijk vertalen.
Ars poetica 133― Horatius -
Versregels zonder inhoud, zangerige nietigheden.
Ars poetica 322― Horatius -
Wat gij ook onderwijst; wees kort.
Ars poetica 335― Horatius -
Wat men verzint om te vermaken zij zo dicht mogelijk bij de waarheid.
Ars poetica 338― Horatius -
Deze toegevendheid verlangen wij en betrachten wij ook van onze kant.
Ars poetica II― Horatius -
Goed begrijpen is het beginsel en de de bron van goed schrijven.
Ars poetica 309― Horatius -
Wanneer ik tracht bondig te zijn, word ik onduidelijk.
Origineel:Brevis esse laboro, obscures fio.
Ars poetica― Horatius -
De schilder en poëet ontfingen beide een maght, van alles te bestaen wat elck zich dienstigh ancht.
Ars poetica 9― Horatius -
Een knoop die een ontknoper waard is.
Origineel:Dignus vindice nodus.
Ars poetica― Horatius -
Het is moeilijk op een persoonlijke wijze gewone dingen te zeggen.
Ars poetica 128― Horatius -
Hij heeft gezweet en koude geleden.
Origineel:Sudavit et alsit.
Ars poetica― Horatius -
Ik doe mijn best om kort te zijn en ik word onduidelijk.
Ars poetica 25― Horatius -
Na tienvoudige herhaling zal het nog bevallen.
Ars poetica 365― Horatius -
Welk voorschrift gij ook moge geven, wees kort!
Ars poetica 335― Horatius -
Noch de goden, noch de mensen, noch de boekwinkels staan dichters toe, middelmatig te zijn.
Origineel:Mediocribus esse poetis, non homines, non di, non concessere colunmae.
Ars poetica 372― Horatius




















Ovidius
Vergilius
Juvenalis
Lucretius
Sextus Propertius
Catullus
Persius
Marcus Manilius