Citaten 21 t/m 23 van 23.
-
De stijfhoofdige is hij. wiens organen, wanneer zij eenmaal een zekere plooi hebben aangenomen, een andere niet lang of in 't geheel niet meer kunnen aannemen.
-
Dat de zonde ons in hoge mate stempelt moeten we wel aannemen. Maar aten kan beter de zonde aan zijn eigen behoeften en smaak aanpassen.
-
We mogen rustig aannemen dat Rembrandt nooit gevoetbald heeft, althans niet in clubverband.