Citaten 111 t/m 120 van 217.
-
Ik denk niet dat mijn ouders me leuk vond. Ze zetten een levende teddybeer in mijn wieg.
-
Ik zeg niet dat wij ons allen horen te misdragen, maar we horen eruit te zien alsof we het zouden kunnen.
-
Liefde: de verrukkelijke verbijstering die wij allen kennen.
-
Mijn favoriete dingen in het leven kosten geen geld. Het is heel duidelijk dat de meest waardevolle bron die we allen hebben, tijd is.
-
Theater is er voor het amusement. Als je een boodschap hebt, moet je naar het telegraafkantoor.
-
Allen die zich tegen het bezit verklaren, hebben de bedoeling het langs deze weg te verwerven.
-
Allen zijn slechts delen van een kolossaal geheel, waarvan de natuur het lichaam is en God de ziel.
-
De aarde heeft voor allen plaats.
-
De maatschappij is de optelsom van personen die allen van elkaar afhankelijk zijn.
-
De mens bestaat uit twee delen, zijn geest en zijn lichaam, maar het lichaam heeft meer plezier.