Citaten 11 t/m 20 van 49.
-
De ondeugd laat, als een zweer in het vlees, een berouw na in de ziel, dat zich telkens weer openrijt en met bloed bedekt. Want de rede wist de andere droefheden en smarten uit, maar zij wekt die van het berouw steeds weer op.
-
Zijn vijanden vergeven kan men alleen doen na hun berouw.
-
Berouw is het eb na de vloed van passie.
-
De goede daden, waarvan de herinnering ons het meest het hart verwarmt, zijn diegene, die wij met onzekerheid ondernomen hebben, haast met berouw.
-
Een wijnstok draagt 3 trossen: de eerste van genot, de tweede van dronkenschap, de derde van berouw.
-
Het is veel gemakkelijker om berouw te tonen over die zonden die we begaan hebben, dan berouw te tonen over die zonden die we van plan zijn te begaan.
-
Het leed wegens een onvervulde wens is gering in vergelijking met het berouw: want het eerste staat voor de steeds open, onafzienbare toekomst, het tweede voor het onherroepelijk afgesloten verleden.
-
Uw berouw zij levende wil, vast voornemen. Klagen en treuren over begane fouten dient tot niets.
-
Berouw is de onschuld der gevallenen.