Citaten 81 t/m 90 van 196.
-
Het hart is een koning die alles weet en alles bezit; het hoofd is slechts zijn paleis.
-
Niet hem, die veel bezit, zult gij met recht gelukkig noemen.
-
Niet hij bezit zijn vermogen; zijn vermogen bezit hem.
-
Wie kinderen heeft, bezit een kans dat hij zichzelf niet beschouwt als doel en uitkomst van alle leven.
-
Zodra men de macht bezit, houdt men op het recht in te roepen.
-
Zolang men de dingen begeert, bezit men deze niet; als men ze bezit, heeft men ze lief, maar de begeerte vergaat.
-
Allen die zich tegen het bezit verklaren, hebben de bedoeling het langs deze weg te verwerven.
-
Er is een ontbering, die poëtischer is, meer hoog geluk brengt dan ordinair bezit.
-
Geluk wordt niet gevonden in de dingen die je bezit, maar in dat wat je durft los te laten.
-
Het bezit van een hart is heel slecht verzekerd, wanneer men het met geweld wil vasthouden.