Citaten 1 t/m 9 van 9.
-
Cynicus: iemand die overal de prijs en nergens de waarde van kent.
-
Een cynicus is een man die omstreeks zijn tiende jaar ontdekte dat Sinterklaas niet bestand en er nog steeds van streek door is.
-
Een cynicus is iemand die - als hij bloemen ruikt - om zich heen kijkt om te zien waar de kist staat.
-
In psychologische zin kan men de cynicus van deze tijd zien als melancholisch grensgeval dat zijn depressieve symptomen onder controle kan houden en tot op zekere hoogte arbeidsgeschikt blijft.
-
Cynicus: iemand die het geloof in het slechte in de mens nog niet verloren heeft.
-
Een cynicus is iemand die, als hij bloemen ruikt, om zich heen kijkt waar de kist staat.
-
De cynicus verdeelt alle menselijke handelingen in twee klassen: openlijk slechte en heimelijk slechte.
-
De pessimist heeft de bewijzen in handen, de optimist de troeven, de cynicus de knepen, de gelovige de wondermiddelen, de humorist het huismiddel, de liefdevolle de remedie.
-
Cynicus: een schobbejak met een defect gezichtsvermogen die de dingen ziet zoals ze zijn en niet zoals ze zouden moeten zijn.





