Citaten 11 t/m 17 van 17.
-
Veranderingen kunnen, net als zonneschijn, een vriend of een vijand zijn, een zegen of een vloek, een dageraad of een avondschemering.
-
Deze zee zal nooit sterven, noch zal ze oud worden; nooit zal haar blauw vervagen of de dageraad ophouden met het verheffen van de heuvels en het ranke, zwarte schip van Dionysus laat binnenzeilen met wijnranken in de mast.
-
Het duurt zo lang voordat avond en dageraad voorbij zijn. Het duurt lang voordat de langzame nacht naderbij komt. Al wie westwaarts zwerft, al wie oostwaarts doolt weet niet waarom hij niet rusten kan. Het is omdat elke aardeszoon een skelet met zich meedraagt en ermee reizen moet.
-
Elke keer dat de dageraad verschijnt, is het mysterie er in zijn geheel.
-
Het verleden is slechts het begin van een begin en alles wat is en was is slechts de schemering voor de dageraad.