Citaten 1 t/m 5 van 5.
-
Geld dat je na je dertigste verdiend is wat je uiteindelijk overhoudt. Wat je daarvoor verdient, geef je uit.
-
Wie op zijn twintigste niet knap, op zijn dertigste niet sterk, op zijn veertigste niet wijs, op zijn vijftigste niet rijk is, kan het daarna vergeten.
-
Pas op je dertigste begin je te wennen aan jezelf.
-
Op ons dertigste jaar proberen we allemaal onze naam met grote letters in de muur van het gebouw van het leven te kerven; twintig jaar later hebben we het gedaan, of ons mes opgeborgen.
-
Wat je niet voor je dertigste hebt gedaan, zal je waarschijnlijk ook niet meer gaan doen. Wat je reeds gedaan hebt, zul je nog veel meer gaan doen.


