Citaten 1 t/m 8 van 8.
-
Met een Nederlander valt niet te discussiëren. Hij heeft tot het einde toe gelijk en daalt met deze zekerheid opgewekt het graf in.
-
Over smaak valt wel te twisten (maar niet te discussieren).
-
Discussiëren is kennis uitwisselen, ruziemaken is onwetendheid uitwisselen.
-
Als je zeker weet dat je gelijk hebt, hoef je niet te discussiëren met degenen die ongelijk hebben.
-
Het is onmogelijk discussiëren met iemand, die zegt de waarheid niet te zoeken, maar deze reeds te kennen.
-
Het is gemakkelijk om te regisseren terwijl je acteert - er is één persoon minder waar mee je moet discussiëren.
-
Je kunt niet discussiëren over satire. Je snapt het of je snapt het niet.
-
Met vegetarieërs moet men discussiëren, zo gauw ze een worsten fabriek geërfd hebben.




