Citaten 31 t/m 40 van 49.
-
Ik drink slechts op twee momenten een borrel - als ik dorst heb en als ik geen dorst heb.
-
Ik kan mijn wanhoop niet beschrijven; geen enkel woord in de menselijke taal zou mijn gevoelens omschrijven. Ik werd levend begraven, met het vooruitzicht te sterven in de martelingen van honger en dorst.
-
Maar het verlangen naar kennis neemt, net als de dorst naar rijkdom, steeds meer toe met de verkrijging ervan.
-
Sommige mensen kunnen zo verfrissend liegen dat men dorst krijgt naar de waarheid.
-
Trots kost ons meer dan honger, dorst en kou.
-
Vindt ge op het perkament de heil'ge bronnen waaruit een dronk uw dorst tevreden stelt? Geen lafenis hebt gij gewonnen zo z'uit de eigen ziel niet welt.
-
Wie nooit goed zicht heeft bezat,
Dat is een slappe Daan;
Wie dorst met kleintjes pils benat,
Kan 't beter laten staan. -
Al wat rein is ben ik welgezind; maar ik kan die grijnzende muilen niet zien, noch de dorst der onreinen.
-
Als iemand dorst neer te schrijven al wat hij ondervond, zou het de grootste roman maken die ooit was geschreven.