Citaten 251 t/m 260 van 369.
-
We zijn allemaal zo bekrompen dat we altijd geloven dat we gelijk hebben.
-
We zijn bereid in alles te geloven, behalve in de waarheid.
-
Wij die in een sterke verdediging geloven, zijn de echte vredespartij.
-
Wij geloven eerder het kwaad, dat men van onze vijanden zegt, dan het goede, dat men van onze vrienden zegt.
-
Wij geloven in weinig want wij weten niet veel.
-
Wij kunnen niet gelukkig zijn als de dingen waarin we geloven niet dezelfde zijn als de dingen die wij doen.
-
Aan de jeugd wordt dikwerf verweten steeds te geloven dat de wereld eerst met haar aanvangt. Zeer terecht; maar de ouden van dagen geloven nog veel meer, dat met hen de wereld ophoudt. Wat is erger?
-
Aan het goede geloven slechts de weinigen die het doen.
-
Al het weten komt uit twijfel voort en eindigt in geloven.
-
Alleen onder een dictatuur kan ik in democratie geloven.