Citaten 11 t/m 20 van 39.
-
Is 't hart van zware zorgen krank,
en dof en droef 't gemoed,
Muziek maakt, met haar zilvren klank,
spoedig weer alles goed. -
De mensen bij wie verstand en gemoed elkander in evenwicht houden, komen laat tot rijpheid.
-
Geeft gij de geest zijn voedsel, verwaarloos dan het gemoed niet.
-
Waar geen verstand der verstandigen bij kan, dat doet in zijn eenvoud een kinderlijk gemoed.
-
De hartstocht voor de jacht is vreselijk diep ingeplant in het menselijk gemoed.
-
Grote verwachtingen te rechtvaardigen is de zekerste prikkel voor een edel gemoed.
-
Het gemoed blijft jong, zolang het vatbaar blijft voor lijden.
-
Het gemoed des mensen is zijn noodlot.
-
Het lot heeft de mens een duldzaam gemoed gegeven.
-
Hovaardij woont in het gemoed der schonen, haar schoonheid pleegt vergezeld te gaan van trots.