Citaten 31 t/m 39 van 39.
-
Een gemoed, dat zich het goede bewust is, lacht om de leugens der faam.
-
Een ontevreden gemoed ondervindt slechts onaangenaamheden, terwijl een blijmoedige geest altijd reden tot vreugde vindt.
-
Niet weinigen onder de ontwikkelden hebben een atheïstisch hoofd en een gelovig gemoed.
-
Openhartigheid is het zegel van een edel gemoed.
-
Zijt meester van de taal, gij zijt meester van het gemoed.
-
Gemoed, verstand en rede verhouden zich als individueele gewaarwording, zakelijke opneming en een wederkeerig vernemen.
-
Wie doet recht aan blijmoedigheid? De sombere zielen. Ze weten, dat blijmoedigheid een drang is en een kracht, dat zij gewoonlijk vermomde goedheid is, en dat, als zij louter uit temperament en gemoed voortkomt, zij een weldaad is.