Citaten 41 t/m 50 van 72.
-
Ik probeer dezelfde persoon te zijn die ik gisteren was.
-
Kinderen zijn de doden van gisteren, en oude mensen zijn de doden van morgen, die trouwens weer kinds worden, waarmee de cirkel weer rond is.
-
Om nergens meer in te geloven, mijn vriend, moet je heel wat hebben gezien. Waar wil je dat ik naar toe ga? Kijk naar die oude uitgerookte stad; er zijn geen plekken, geen straten, geen stegen waar ik niet dertig keer heb rond gezworven; er zijn geen straatstenen waar ik niet mijn hakken aan gesleten heb, geen huizen waarvan ik niet weet van welk meisje of van welke oude vrouw het domme hoofd is dat zich eeuwig achter het raam aftekent; ik zou niet weten hoe ik een stap zet zonder over mijn stappen van gisteren te lopen; mijn lieve vriend, deze stad is nog niets vergeleken met mijn brein.
-
Sta ergens voor of je valt voor alles. De machtige eik van vandaag is de noot van gisteren die standvastig bleef.
-
We beschouwen het akkoord dat gisteren getekend werd als symbool van de wil van onze volkeren om nooit meer oorlog met elkaar te voeren.
-
We dragen een nemesis in onzelf; de bewondering die je gisteren voor jezelf had is de legitieme vader van de schuld van vandaag.
-
Allerheiligen is de dag dat de doden van morgen die van gisteren gaan bezoeken.
-
De rebellen van gisteren zijn altijd de tirannen van vandaag.
-
De regel is: jam morgen en jam gisteren - maar nooit vandaag.