Citaten 111 t/m 120 van 489.
-
Het vergaat de meeste systeem filosofen met hun systeem als de man die een groot kasteel gebouwd heeft en er zelf in het koetshuis naast gaat wonen.
-
Ieder groot man is een raadsel dat pas door het nageslacht wordt opgelost.
-
Van de maan af gezien, zijn we allen even groot. Voor 'n weter zou er geen verschil merkbaar zijn tussen de kennis van 'n kind en van de wijsgeer die 't meest en 't zuiverst gedacht heeft.
-
Vroeg uit en vroeg onder dak, is gezond en groot gemak.
-
Zuinigheid is een groot inkomen.
-
Beter arm te leven in grove kleren dan een groot heer te zijn, die in zijn prachtige graftombe ligt te vergaan.
-
De slaap heeft zijn eigen wereld en een groot gebied van wilde werkelijkheid.
-
De vriendschap van een groot man is een weldaad van de goden.
-
Een groot man is hij die zijn kinderlijk hart niet verloren heeft.