Citaten 1 t/m 10 van 10.
-
Men verwart vaak kracht met hardheid. Het is waar dat tederheid meestal slechts een slecht verhulde zwakheid is, maar hardheid is vaak eveneens zwakheid, die zich beter weet te verhullen.
-
Kracht is wel een deugd, maar ze wordt wel eens hardheid.
-
Hardheid is niet altijd de vorst die warmere gevoelens bevriezen doet, veel ijziger nog werkt de spot.
-
In het bederf krijgt de weelde vaste voet, aan de weelde ontleent het eigenbelang zijn oorsprong, uit eigenbelang ontspruit de hardheid des gemoeds.
-
Buitengewoon gelukkige en buitengewoon ongelukkige mensen zijn evenzeer geneigd tot hardheid.
-
Hoe ouder ik word, hoe scherper ik woorden wantrouw. Zo weinig van hen hebben nog enige betekenis. Het is onmogelijk om één zin te schrijven waarin elk woord de kaalheid en hardheid van botten heeft, de realiteit van het skelet.
-
Ik denk dat er slechts één kwaliteit erger is dan hardheid van het hart en dat is zachtheid van het hoofd.
-
Het is trots dat de wereld met zoveel hardheid en strengheid vult.
-
Ondanks de hardheid en meedogenloosheid die ik in zijn gezicht dacht te zien, kreeg ik de indruk dat dit een man was op wie kon worden vertrouwd wanneer hij zijn woord zou geven.
-
Ik hou van deugd zonder hardheid; Ik hou van plezier zonder zachtheid; Ik hou van het leven.

