Citaten 11 t/m 20 van 50.
-
Alles immers dorst naar goud en hangt aan goud. Ach wij armen.
-
Als het regent moet je onder een brug gaan vissen. Daar gaan de vissen immers naartoe om te schuilen.
-
De mens zal nooit afstand doen van het echte lijden, dat wil zeggen, van verwoesting en chaos. Lijden - dat is immers de enige oorzaak van het bewustzijn.
-
Het verleden, zo bedacht hij, was niet alleen veranderd, het was letterlijk vernietigd. Hoe kon je immers zelfs de meest voor de hand liggende feiten constateren als er buiten je eigen geheugen geen houvast bestond?
-
Houd goede moed; hevige pijn duurt immers niet lang.
-
Ik acht drankzucht veel verwerpelijker dan diefstal en misschien zelfs dan prostitutie. Is hij immers niet vaak de vader van beide?
-
Zijn vrouw hoefde hij het niet uit te leggen, zij begreep immers alles? Zij begreep immers dit en dat en zo en daarom en waarom? Haar begrip hing in kringen rond haar ogen, holde haar wangen uit, stond in flessen en potjes en buisjes naast haar bed.
-
Een dakloze heeft immers reden om te huilen, alles in de wereld is tegen hem gericht.
-
Onveranderlijk immers is niets, behalve de aangeboren en onvervreemdbare rechten van de mens.