Citaten 141 t/m 150 van 202.
-
Maar het sterke in ons is immers juist dat wat voor ons een onvermoed geheim blijft.
-
Meisjes kunnen heel erg mooi zijn, maar nooit romantisch. Het is juist het volslagen gebrek aan romantiek dat ik het aardigst aan ze vind. Ze zijn zo nuchter.
-
Onzekerheid en twijfel over de grenzen van een talent roepen meer eerbied op dan een juist inzicht erin, hoe veelomvattend iemands gaven ook mogen zijn.
-
Oprechtheid betekent het zelf volkomen vergeten, maar tegelijkertijd juist niet vergeten.
-
Over alles kan men met meer vermaak betogen houden, dan juist over het vermakelijke.
-
Van gering gehalte is de kritiek, die meent een kunstwerk slechts dan juist te kunnen beoordelen, als zij de omstandigheden kent, waaronder het is ontstaan.
-
Vrouwen raden alles juist. Ze vergissen zich alleen wanneer ze nadenken.
-
Wanneer iemand vastbesloten is om te geloven, zal juist de absurditeit van de doctrine hem bevestigen in zijn geloof.
-
Wat door zeer velen voor waar gehouden wordt, heeft juist dezelfde gevolgen alsof het in werkelijkheid waar was.
-
Wat het socialisme wil, is niet het afschaffen van eigendom, maar juist daarentegen het individueel eigendom introduceren, eigendom gebaseerd op arbeid.