Citaten 161 t/m 170 van 202.
-
De middelmatigheid weegt altijd juist; alleen is haar weegschaal vals.
-
De natuurkunde is wiskundig, niet omdat we zoveel over de fysieke wereld weten, maar juist omdat we zo weinig weten: het zijn alleen de wiskundige eigenschappen die we hebben kunnen ontdekken.
-
De paradox van het onderwijs is juist dit: wanneer men begint bewust te worden, begint men de samenleving te onderzoeken waarin hij wordt opgeleid.
-
De stemmen worden geteld, niet gewogen. In het staatsbestuur kan het nu eenmaal niet anders. Hier is niets zo ongelijk als juist die zogenaamde gelijkheid.
-
De wonderbaarlijkste en de sterkste dingen ter wereld zijn juist die dingen die niemand kan zien.
-
Denk je dat de doden waarvan we hielden ons ooit echt verlaten? Denk je dat we ze niet juist duidelijker kunnen herinneren in tijden met grote problemen?
-
Er bestaan eindeloos veel lachwekkend lijkende gedragingen waarvan de achterliggende redenen heel wijs en juist zijn.
-
Er is niets ellendiger in de wereld dan een besluiteloos persoon die tussen twee gevoelens zweeft, beide graag wil verenigen en niet begrijpt dat niets ze kan verenigen dan juist de twijfel, de rusteloosheid die hem kwelt.
-
Geven, dat is niet wat we geven, maar wat we graag zouden geven, maar dat geven we juist nooit, omdat we het niet bezitten.
-
Het blijft een onweerlegbare wet van de geschiedenis dat juist tijdgenoten, zelfs niet in hun vroegste begin, de grote bewegingen die hun tijd bepalen, kunnen herkennen.