Citaten 11 t/m 20 van 29.
-
De pijl van de schimp keert tot de man terug.
-
Het regent en het is november:
Weer keert het najaar en belaagt
Het hart, dat droef, maar steeds gewender,
Zijn heimelijke pijnen draagt. -
Niets keert tot niets terug, maar alles valt in zijn elementen uiteen.
-
Wie gelukkig is, brengt geluk en neemt het niet; het komt van hem en keert terug tot hem die het heeft gegeven.
-
Als de zon opgaat, keert mijn moreel gevoel terug.
-
Het sweerd eens uitgetrocken, keert langsaem in zijn schee'.
-
Hoe lang een goede daad, die van ons uitgaat, ook onder weg blijft, ten slotte keert zij met zegen tot ons terug.
-
Men keert een gedachte als een kledingstuk, om haar nog eens te gebruiken.
-
Nooit, al zet gij de klok terug, keert de verzuimde tijd of een verdroomd geluk terug.
-
Wat vergaan is, keert niet weder;
Maar ging het lichtend neder,
dan straalt het lang nog licht terug.