Citaten 71 t/m 80 van 105.
-
Als de moed niet stijgt met de moeilijkheden, is er van moed helemaal geen sprake.
-
Als een politieman een klein vergrijp begaat zet heel het land een keel op. Maar als een journalist zijn macht misbruikt (wiens misgreep juist in de kwantitatieve uitbreiding ligt), kan men hem meestal nog niet eens voor het gerecht dagen.
-
De autoriteit die men als denker heeft zal zich moeten bewijzen doordat het woord in je mond één heel duidelijke gedachte uitdrukt.
-
De hoogste opgave van het menselijk kennen is: te begrijpen dat hij niet begrijpen kan.
-
De waarde van de mens wordt in de natuur toch nog erkend. Wanneer men vogels uit de buurt van vruchtbomen wil houden, zet men er iets op wat op een mens lijkt en reeds die verre gelijkenis met een mens van de vogelverschrikker is voldoende om respect in te boezemen.
-
Een priester kan nooit helemaal `privé' zijn en er zich op instellen om eens per week een uur te declameren en voor de rest privé te zijn. Is hij aanwezig bij zedenbederf, dan moet hij getuigen.
-
Het christendom heeft elke generatie weer iemand nodig die onvoorwaardelijk-radiaal uitspreekt wat het christelijke is. Als het dan zijn lot wordt door alle dominees te worden uitgelachen en gehoond, dan staat vast dat heel die christenheid louter inbeelding is.
-
Het verschil tussen de mensen bestaat eigenlijk alleen hier in, hoe zij domheden zeggen; dat zij ze zeggen is algemeen menselijk.
-
Iemand die werkelijk christen is kan men herkennen aan wat Rebekka deed: ‘Ik zal niet alleen u te drinken geven, maar ook uw kamelen’.
-
De grootheid van een mens hangt wezenlijk af van de sterkte van zijn Godsverhouding.
De beste kierkegaard citaten, wijsheden, quotes en uitspraken vindt u nu al ruim 25 jaar op citaten.net. (pagina 8)