Citaten 1841 t/m 1850 van 5506.
-
De gehele nacht lang weende een man aan het bed van een zieke; toen de dag aanbrak, stierf hij, maar de zieke genas.
-
De geschiedenis heeft nooit alle feiten, maar heeft altijd het laatste woord.
-
De grootheid van kunst is niet het vinden wat gemeenschappelijk is, maar wat uniek is.
-
De grootste roem in het leven ligt niet in nooit vallen, maar in telkens weer opstaan.
-
De grootste vijand van de wetenschap is niet de dwaling maar de geestelijke traagheid.
-
De jeugd moet niet verdrietig zijn , maar vrolijk en gelukkig. Jonge mensen moeten vol opgewektheid zijn.
-
De klassieke opleiding moet niet dienen om kennis bij te brengen, maar om geesten te vormen, in staat tot weten en scheppen.
-
De kwestie is niet dat ik een gegeven paard in de bek zal kijken. Maar wie doet mij ooit een paard cadeau?
-
De leeuwin heeft maar één jong, maar het is een leeuw.