Citaten 2461 t/m 2470 van 5506.
-
Wie de bekoring wil vermijden moet de verveling vluchten. Maar wie de verveling wil vluchten komt bij de bekoring terecht.
-
Wie de goddelijke gave van de geestdrift bezit, die wordt wel ouder maar nooit oud.
-
Wie echter de wijste onder u is, die is enkel tweespalt en bastaard van plant en schim. Maar gebied ik dan om planten en schimmen te worden? Zie, ik leer u de Übermensch.
-
Wie het leven waarde geeft kun je bereiken - en verliezen. Maar nooit bezitten. Op de eerste plaats geldt dit voor 'de waarheid van het leven'.
-
Wie lang nadenkt, gebruikt niet zijn hersenen maar zijn bloedsomloop.
-
Wie meent genoeg in zichzelf te kunnen vinden om het buiten iedereen te kunnen stellen, bedriegt zich zeer; maar wie meent dat men het niet buiten hem kan stellen, bedriegt zich nog veel erger.
-
Wie niets meer voelt, moet maar weer eens horen.
-
Wie nooit gelukkig is geweest, gelijkt op een reiziger die alleen maar 's nachts gereisd heeft.
-
Wij hebben gewoonlijk niet altijd de moed om te zeggen dat wij geen gebreken hebben en onze vijanden geen goede eigenschappen, maar in werkelijkheid zijn wij er niet ver van af dat te geloven.
-
Wij houden altijd van hen, die ons bewonderen, maar wij houden niet altijd van hen, die wij bewonderen.