Citaten 101 t/m 110 van 1703.
-
Moge God genade hebben voor mijn vijanden, want ik zal het niet doen.
-
Waarom zou ik trouwen? Ik heb drie huisdieren die hetzelfde doen als een echtgenoot. Mijn hond gromt in de ochtend, mijn papegaai vloekt de hele middag en mijn kat komt diep in de nacht thuis.
-
Weet dat gij, hoe ver ik ook van u vandaan ben, steeds in mijn gedachten aanwezig zijt.
-
Geven wekt meer blijdschap dan ontvangen, niet omdat geven een offeren is, maar omdat in het geven mijn levenskracht zich uit.
-
Ik gaf mijn jeugd en schoonheid aan mannen en nu geef ik mijn wijsheid en mijn ervaring aan dieren.
-
Loop niet voor me, want ik volg niet. Loop niet achter me, want ik leid niet. Loop gewoon naast me en wees mijn vriend.
-
Mijn definitie van een vrije samenleving is een samenleving waar het veilig is om niet populair te zijn.
-
Mijn geweten zegt mij dat ik nooit een woord gesproken, nooit een regel geschreven, nimmer een stap heb gedaan om de gunst te bejagen, hetzij van het volk, hetzij van een vorst.
-
Onder het net en vlot gesprek,
dat mijn hoofd, met bruine hoed,
met de gastheer voeren moet,
denkt mijn hele ziel: verrek!