Citaten 111 t/m 120 van 1703.
-
Ik vertelde mijn psychiater dat iedereen mij haatte. Hij zei dat ik niet moest overdrijven want dat ik nog lang niet iedereen ontmoet had.
-
Ik ween om bloemen in den knop gebroken
En vóór den uchtend van haar bloei vergaan,
Ik ween om liefde, die niet is ontloken,
En om mijn harte die niet werd verstaan. -
Ik zag met het oog van mijn ziel het Licht dat nooit verandert. Wie de Waarheid kent, kent dat Licht, en wie het kent, kent de eeuwigheid.
-
Mijn enige mening die misschien een beetje dwars is, luidt dat een mens in de loop van zijn leven een niet nader bepaald aantal malen van overtuiging of inzicht moet kunnen veranderen, zonder daarover te worden lastig gevallen door anderen, die zogenaamd stevig in hun schoenen staan.
-
Van mijn tien tenen is er geen enkele die ik heel bewust gebruik.
-
'Ach', zei de kikker, 'Ik heb zojuist al mijn kinderen verloren. De ooievaar is geweest.'
-
Als ik koning was, zou ik op mijn hoede zijn voor azen.
-
Als u in staat bent uzelf de vraag te stellen: 'Ben ik verantwoordelijk voor mijn daden of niet?' bent u verantwoordelijk.
-
Dit jaar gaan we met het vliegtuig op vakantie en ik neem mijn kanarie mee. Ik hoop maar dat hij niet ziek wordt, want dat beest heeft nog nooit gevlogen.
-
Het is een groot wonder, dat ik niet al mijn verwachtingen heb opgegeven, want ze lijken absurd en onuitvoerbaar. Toch houd ik ze vast, ondanks alles, omdat ik nog steeds aan de innerlijke goedheid van den mens geloof.