Citaten 1611 t/m 1620 van 1703.
-
Volgende week begin ik mijn werk aan mijn hoed, waarvan, zoals u weet, mijn voornaamste hoop op geluk afhangt.
-
Voor een groot gebouw zou ik als Faust mijn ziel verkocht hebben, en nu ik mijn Mephisto gevonden had, leek hij niet minder aantrekkelijk dan die van Goethe.
-
Voor mijn buurman zou het vaak weinig opleveren als ik hem liefhad zoals ik mijzelf liefheb.
-
Voordat wij vrijen neemt mijn man een pijnstiller.
-
Waar ik naartoe ging kon niemand mij volgen. Toch slaagde iemand erin mijn hand vast te houden.
-
Waar mijn lot en mijn wagen mij naar leiden.
-
Waarschijnlijk is mijn slechtste eigenschap dat ik zeer gepassioneerd ben over wat ik denk dat goed is.
-
Wanneer ik de durf heb krachtig te zijn - om mijn kracht te gebruiken ten dienste van mijn visie, dan wordt het steeds minder belangrijk of ik bang ben.
-
Wanneer ik een gerichte klap zie neerdalen op het been of de arm van iemand anders, krimp ik van nature ineen en trek mijn been of mijn arm terug; en wanneer de klap aankomt, voel ik het in zekere zin zelf en doet het mij net zo goed pijn als hij die geslagen wordt.
-
Wanneer ik in de spiegel kijk, zie ik dat iedere lijn in mijn gelaat pessimisme betekent; maar ondanks mijn gezicht - dat mijn ervaring is - blijf ik een optimist.