Citaten 211 t/m 220 van 1703.
-
Ook als het sterven dan een sociale functie moet zijn, geef me dan de genade om er stil tussenuit te gaan, op mijn tenen, zonder te storen.
-
Wanneer ik voor wijn mijn kleed verkoop, verkoop ik weinig en verwerf ik veel.
-
Aan de Amsterdamse grachten
Heb ik heel mijn hart voor altijd verpand. -
De gewelddadige zal een gewelddadige dood sterven. Die wijsheid vormt de basis van mijn leer.
-
De vraag blijft: wat wil de man? Na levenslange studie van het onderwerp is mijn antwoord: meer.
-
Het mooiste woord op de lippen van de mensheid is het woord 'moeder' en de mooiste uitroep is de uitroep 'mijn moeder'.
-
Ik ben erg aan dit gouden horloge gehecht. Mijn grootvader verkocht me dit horloge, op zijn sterfbed.
-
Ik dacht altijd dat ik geen type was voor het vaderschap - maar nu mijn dochter is geboren weet ik het zeker.
-
Ik doop mijn pen niet in de inkt, maar in het leven.