Citaten 451 t/m 460 van 1703.
-
Als mijn informatie verandert, verander ik mijn conclusies. Wat doet u, meneer?
-
Dat zijn mijn principes, en als je ze niet leuk vindt... nou ja, ik heb andere.
-
De gedachte, dat de vrijheid van een mens zou bestaan in zijn stem te geven bij verkiezingen, en te zeggen: "Zie, ik heb ook mijn twintigduizendste deel van een spreker in onze nationale vergadering, zullen alle goden mij nu niet gunstig gezind zijn?", deze is het meest plezierig.
-
De Heer Günst zond my de nummers van de Dageraad die verschenen zijn sedert mijn vertrek uit Amsterdam. Ik vang veel indrukken op, en dit was ook 't geval onder 't lezen van die nummers. Eén er van wil ik u meedelen. Ik had gisteren weer gehoord dat ik zo'n begaafde schrijver was...
-
De plicht is de wil van de ander in mij, het is de vervreemding van mijn eigen vrijheid.
-
Een neiging om te behouden gecombineerd met een bekwaamheid om te verbeteren zouden mijn standaard van een staatsman zijn.
-
Een van mijn trieste zekerheden is dat de meeste mensen het alleen maar eens zijn over zaken waarin ze niet geïnteresseerd zijn.
-
Een vrouw van mijn leeftijd, 44, is geen 21-jarig of 22-jarig meisje. Zij is een vrouw die een kind heeft gehad, een vrouw die mensen heeft verloren van wie ze hield, een vrouw die de dood heeft meegemaakt van de mensen waar ze van hield. Zij is een mens met al het bloed, zweet, tranen en... geluk. Ik ontken het geluk niet, ik heb het.
-
Er is één instituut in dit land waarin alle mensen gelijk zijn, er is één instituut dat een arm iemand gelijk maakt aan een Rockefeller, de domme gelijk aan een Einstein en de onwetende gelijk aan een rector. Dat instituut, mijn heren, is de rechtbank.