Citaten 671 t/m 680 van 1703.
-
Wie het meest van mij afwijkt, is mijn grootste volgeling.
-
Wie me wat nadoet is dikwijls mijn vijand, meestal vervelend, en altijd een dwaas.
-
Zolang er één enkele hond in mijn land niets te eten heeft, bestaat gans mijn religie erin hem te voeden.
-
'Wanneer bent u geboren ?' - ' Geen idee. Het moet in de jaren 30 geweest zijn toen mijn moeder nog leefde.'
-
Akkoord, ik rook, ik drink, ik gok en ik belieg en bedrieg mijn vrouw, maar hebben we niet allemaal onze kleine kantjes?
-
Al dat gedoe over samen slapen. Voor lichamelijk plezier ga ik nog eerder naar mijn tandarts.
-
Al mijn werken en daden zijn in de hand van God, en op hem alleen vertrouw ik.
-
Alles is gevaarlijk, mijn beste. Als dat niet het geval was, zou het leven niet de moeite waard zijn om geleefd te worden.
-
Alles wat ik weet is gewoon wat ik in de kranten lees, en dat is een alibi voor mijn onwetendheid.
-
Als ik de onzinverhalen hoor over mijn stapgedrag in Engeland, overweeg ik wel eens een tv-baas te bellen en me op te geven voor reallife soap. Het zou een supersaai programma worden.