Citaten 821 t/m 830 van 1703.
-
O mijn broeders, ik wijs u en wijd u tot nieuwe adel; gij zult worden telers en fokkers en zaaiers der toekomst.
-
Om mijn jeugd terug te krijgen zou ik alles doen, behalve het doen van lichaamsbeweging, vroeg opstaan, of respectabel zijn.
-
Om nergens meer in te geloven, mijn vriend, moet je heel wat hebben gezien. Waar wil je dat ik naar toe ga? Kijk naar die oude uitgerookte stad; er zijn geen plekken, geen straten, geen stegen waar ik niet dertig keer heb rond gezworven; er zijn geen straatstenen waar ik niet mijn hakken aan gesleten heb, geen huizen waarvan ik niet weet van welk meisje of van welke oude vrouw het domme hoofd is dat zich eeuwig achter het raam aftekent; ik zou niet weten hoe ik een stap zet zonder over mijn stappen van gisteren te lopen; mijn lieve vriend, deze stad is nog niets vergeleken met mijn brein.
-
Ook ik heb sedert mijn veertigste jaar goud in de mond.
-
Op een dag zal het toch nodig zijn dat ik eindelijk die boeken ga lezen die ik al dertig jaar lang aan mijn vrienden adviseer om te lezen.
-
Oplettendheid, mijn zoon, is wat ik je mag aanraden:
bij dat, waarbij je bent, te zijn met gans uw ziel. -
Over het algemeen herschrijf ik alles vele malen. Al mijn gedachten zijn tweedehands gedachten.
-
Schaken en ik, het is moeilijk om ze uit elkaar te halen. Het is mijn alter ego.
-
Soms blader ik door de foto's op mijn telefoon. Als ik ernaar kijk, roepen ze meer vertedering op dan op het moment waarop ik ze maakte. Waarschijnlijk gebeurde er direct na het nemen van de foto iets waar ik meer belang aan hechtte. Ik weet niet eens meer wat het was, zo belangrijk was het kennelijk. Maar dat moment van die foto is voorbij!
-
Soms heb ik het gevoel dat ik niet solide ben. Ik ben hol. Er bevind zich niets achter mijn ogen. Ik ben een negatief van een persoon. Ik wil enkel duisternis, duisternis en stilte.