Citaten 61 t/m 70 van 118.
-
Een zelfde ding is dikwijls in de mond van een man van geest een onbevangenheid of een kwinkslag, en in die van een dwaas een dwaasheid.
-
In religie zijn alle woorden vuile woorden. Iedereen die welsprekend wordt over Boeddha, of God, of Christus, moet zijn mond laten uitspoelen met carbolzeep.
-
Je moet niet zo arrogant zijn dat je niet meer naar iemand anders kunt luisteren en iets van ze kunt leren. Leiderschap gaat net zo goed over het gebruik van het oor als het gebruik van de mond.
-
Meer dan door je mond zal de liefde spreken door de zachtheid van je handen, de tederheid van je gelaat en de aandacht van je hart.
-
Ook de grootste mond wordt aan het einde met aarde gevuld.
-
Ook ik heb sedert mijn veertigste jaar goud in de mond.
-
Zij begrijpen mij niet; ik ben niet de mond voor deze oren.
-
Daarom hebben we twee oren en maar één mond, opdat we meer zouden luisteren en minder spreken.
-
De dwazen hebben hun hart in de mond, maar de wijzen hebben hun mond in het hart.
-
De ene mens wordt geboren met een zilveren lepel in zijn mond en de andere met een houten pollepel.