Citaten 1 t/m 10 van 176.
-
Een mens is het minst zichzelf als hij uit eigen naam spreekt. Geef hem een masker en hij spreekt de waarheid.
-
Iedereen noemt zich vriend; alleen een gek vertrouwt daarop: die naam is gewoon genoeg, maar echte vriendschap is zeldzaam.
-
De tijd dat ik zelf geld meenam is al heel lang geleden. Ik neem altijd de naam en het gezicht mee.
-
Ervaring is eenvoudig de naam die we aan de som van onze fouten geven.
-
En zonder vreugde verdient het leven de naam van leven niet.
-
Verlangen is als een rivier, die steeds dezelfde naam behoudt, maar waarin het water voortdurend verandert.
-
Vanaf het moment waarop een kind de naam van een vogel leert, zal het die vogel nooit meer écht zien.
-
Wat zegt een naam? Dat wat wij een roos noemen, zou met elke andere naam even heerlijk ruiken.
-
Alles wat ik heb, is een naam en die heb ik van een ander.
-
De enige vrijheid die die naam verdient, is het proberen te verhogen van ons eigen welzijn op onze eigen manier, zolang we niet proberen die van anderen te ontnemen of hun pogingen belemmeren het te verkrijgen.



![Ik zou willen dat men over mijn naam zweeg en zich niet Lutheraan maar Christen noemt. Wat is Luther? De waarheid is toch niet van mij! En ik ben ook voor niemand gekruisigd. [...] Hoe zou ik, arme, stinkende madenzak er dan toe komen dat de kinderen van Christus zich naar mijn naam zouden noemen?](https://citaten.net/images/quote-images-nl/l/luther-ik-zou-willen-dat-men-over-mijn-naam-zweeg-en.jpg)





