Citaten 251 t/m 260 van 421.
-
Als gij een vijand hebt, vergeldt hem dan niet kwaad met goed; want dat maakt hem beschaamd. Doch bewijst, dat hij u iets goeds heeft gedaan.
-
Bij sommigen veroudert eerst het hart, bij anderen de geest. En er zijn er, die grijs zijn in hun jeugd, maar laat jong.
-
Blijf de aarde trouw, mijne broeders, met de macht van uw deugd. Uw schenkende liefde en uw inzicht dienen de aarde! Dat vraag en bezweer ik u.
-
De haat van Nietzsche tegen het christendom berust niet op theologische maar op ethische gronden.
-
De keerzijde van het christelijk medelijden met het lijden van de naaste is de diepgewortelde argwaan tegen alle vreugden van de naaste, zijn vreugde aan alles wat hij wil en kan.
-
De mens is voor zichzelf het wreedste dier!
-
De schoonheid van de Übermensch kwam tot mij als schaduw. Ach, mijn broeders! Wat gaan mij nog de goden aan!
-
De tijd komt, waarin de mens geen ster meer kan voortbrengen. De tijd komt van de verachtelijkste mens, die zichzelf niet verachten kan. Ziet! Ik toon u de laatste mens.
-
De Übermensch ligt mij na aan het hart, hij is mij het eerste en enige; en niet de mens, niet de naaste, niet de armste, niet de meest lijdende, niet de beste.
-
Er is altijd iets van waanzin in liefde. Er is echter ook altijd wat verstand in waanzin.
De beste nietzsche citaten, wijsheden, quotes en uitspraken vindt u nu al ruim 25 jaar op citaten.net. (pagina 26)