Citaten 1 t/m 10 van 158.
-
Wat wij toeval noemen, is het toevluchtsoord der onwetendheid.
-
Dikwijls is datgene wat wij bescheidenheid noemen, niets anders dan het verlangen om tweemaal geprezen te worden.
-
Datgene wat men zijn tweede jeugd pleegt te noemen, is meestal zijn eerste ouderdom.
-
Wat zegt een naam? Dat wat wij een roos noemen, zou met elke andere naam even heerlijk ruiken.
-
Wat wij toeval noemen, is misschien de logica van God.
-
Wat de mensen hun noodlot noemen, bestaat meestal uit hun eigen stommiteiten.
-
Toeval bestaat niet. We noemen zo een gevolg van een oorzaak die we niet zien.
-
Ik zou willen dat men over mijn naam zweeg en zich niet Lutheraan maar Christen noemt. Wat is Luther? De waarheid is toch niet van mij! En ik ben ook voor niemand gekruisigd. [...] Hoe zou ik, arme, stinkende madenzak er dan toe komen dat de kinderen van Christus zich naar mijn naam zouden noemen?
-
Het grootste deel van wat we persoonlijkheid noemen is bepaald door hoe we gekozen hebben onszelf te verdedigen tegen angst en verdriet.
-
Wat bij de dieren natuur is, noemen we bij de mens ellende.









