Citaten 1 t/m 3 van 3.
-
De ware grondlegger van de burgerlijke maatschappij: dat was hij die als eerste een stuk grond omheinde, zich verstoutte te zeggen 'Dit is van mij', en onnozelaars trof die hem geloofden.
-
Als het op liegen aankomt, moet men niet letten op de aannemelijkheid van het verzinsel, maar op de hebzucht, ijdelheid en domheid van de persoon die het doelwit is. Men liegt nooit tegen anderen, ze liegen tegen zichzelf. Een goede leugenaar geeft de onnozelaars wat ze willen horen. Dat is het hele geheim.
-
De echtgenoten van de vrouwen die we aantrekkelijk vinden, zijn altijd onnozelaars.

