Citaten 81 t/m 90 van 140.
-
Ik ben reeds maanden werkloos. Is het niet mogelijk een jobke te krijgen voor mijn vrouw ?
-
Men heeft reeds teveel van zijn geheim verteld aan hem, tegenover wie men meent één bijzonderheid te moeten verzwijgen.
-
Men kan niets zeggen, wat vroeger niet reeds gezegd is.
-
Ongeluk met kinderen begint meestal reeds een generatie te voren.
-
Reeds twee maanden na de amputatie van zijn been steekt deze man reeds op eigen houtje de straat over.
-
Terwijl wij overwegen, wanneer wij moeten beginnen, is het reeds te laat.
-
Uw rede was te lang. Toen gij uitgesproken waart, hadden wij het begin reeds vergeten en dientengevolge ook het einde niet begrepen.
-
Voor de melancholicus gaat de zon reeds 's morgens onder.
-
Wanneer ik in mijn diepste rouwen, wanhopend in de nacht ga schouwen; ik zie de grote en de kleine beer. Gij echter, zijt er niet, o Heer. De handen die ik reeds had gevouwen, verstop ik in mijn zakken weer.
-
Wat komen moet, raakt u in handen, ook al bevond het zich aan de andere zijde der zee; wat daarentegen niet komen moet, dat ontgaat u, ook al lag het u reeds op de hand.