Citaten 11 t/m 20 van 32.
-
Zodra men de macht bezit, houdt men op het recht in te roepen.
-
Vreemd, hoe zij die het luidst om inspraak roepen, zo'n slechte uitspraak hebben.
-
Confereren op tv voor een miljoenenpubliek blijft een hachelijk onderneming. Wat je ook zegt, er is altijd wel iemand gekwetst.
Zelfs al zou je een uur lang niets anders roepen dan: Woef, woef - krijg je nog brieven van mensen die schrijven: Waarom hebt u mijn hond belachelijk gemaakt? -
De functie van de taal is niet te informeren, maar om op te roepen.
-
De ware leider is niet degene die straft, het is degene die al de angst voor straf weet op te roepen.
-
Goed schrijven wordt verondersteld om sensatie bij de lezer op te roepen - niet het feit dat het regent, maar het gevoel te worden beregend.
-
Het is ironisch dat degenen die om het hardst roepen dat mensen niet meer normaal met elkaar kunnen omgaan of communiceren, vaak dezelfden zijn die meer individualiteit voorstaan.
-
Onze zwakke plekken zijn dikwijls de beste bestrijders, die we tegen onze zonden in het geweer roepen.
-
Poëzie is de kunst om genot met waarheid te vereningen, door de verbeelding bij de rede te hulp te roepen.
-
Soms blader ik door de foto's op mijn telefoon. Als ik ernaar kijk, roepen ze meer vertedering op dan op het moment waarop ik ze maakte. Waarschijnlijk gebeurde er direct na het nemen van de foto iets waar ik meer belang aan hechtte. Ik weet niet eens meer wat het was, zo belangrijk was het kennelijk. Maar dat moment van die foto is voorbij!