Citaten 1 t/m 4 van 4.
-
Wie in staat is om in een bloeiend vrouwelijk lichaam het skelet te kunnen zien, is een filosoof.
-
Het duurt zo lang voordat avond en dageraad voorbij zijn. Het duurt lang voordat de langzame nacht naderbij komt. Al wie westwaarts zwerft, al wie oostwaarts doolt weet niet waarom hij niet rusten kan. Het is omdat elke aardeszoon een skelet met zich meedraagt en ermee reizen moet.
-
Hoe ouder ik word, hoe scherper ik woorden wantrouw. Zo weinig van hen hebben nog enige betekenis. Het is onmogelijk om één zin te schrijven waarin elk woord de kaalheid en hardheid van botten heeft, de realiteit van het skelet.
-
Een boek moet voor mij een skelet hebben. Dat skelet mag je niet duidelijk zien, het moet onzichtbaar zijn, en toch duidelijk aanwezig. Er moeten lijnen in een boek zitten, anders is het een roman ohne Eigenschaften.


