Citaten 11 t/m 20 van 22.
-
Een staatsman moet te gelijk grote hartstochten en grote onverschilligheid hebben.
-
Het hart van een staatsman moet in zijn hoofd zitten.
-
Als ik niet kan liegen, kan ik geen staatsman zijn.
-
Een groot geschiedschrijver is bijna een staatsman.
-
Een staatsman kan het zich niet veroorloven moralist te zijn.
-
Een staatsman regeert veel meer met zijn karakter dan met zijn opvattingen.
-
Het is de verantwoordelijkheid van de staatsman om in zijn verbeelding een beeld van de toekomst te scheppen en lang van tevoren duidelijk te maken welke toevalligheden zich kunnen voordoen, zowel gelukkige als ongelukkige, en wat er moet gebeuren als er iets menselijks gebeurt; maar laat het nooit zover komen dat je zou moeten zeggen: 'Daar heb ik nooit aan gedacht'.
-
Saaiheid is de eerste vereiste voor een staatsman. Dat is niet altijd eenvoudig.
-
De staatsman scheert de schapen, de politicus vilt ze.
-
Een politicus is een man die de overheid begrijpt. Een staatsman is een politicus die al 15 jaar dood is.