Citaten 1 t/m 10 van 23.
-
De wiskunde, oprecht bekeken, bezit niet alleen waarheid, maar opperste schoonheid - een schoonheid koud en streng, als dat van beeldhouwwerk.
-
Men moet streng zijn om rechtvaardig te wezen.
-
Een slechte wet, die streng wordt toegepast, bewijst meer diensten dan een goede wet die willekeurig wordt uitgelegd.
-
De ondeugd verbergt zich door zich als deugd te verkleden en zich streng en deftig voor te doen.
-
Elke dag kan ik wat leren en sommige dagen wat meer. Dit is één van die dagen. Hard en streng toegesproken worden is leerzaam.
-
De stijl die dwingend is eist ook vastheid in de concessies die je doet; je moet streng zijn tegen jezelf om mild te mogen zijn tegen anderen.
-
Niemand berispt ons zo streng, als wij dikwijls onszelf veroordelen.
-
Hij is streng die nog maar korte tijd regeert.
-
Hij kan niet streng zijn, die niet kan velen dat anderen tegenover hem streng zijn.
-
Als de vader te streng is en de moeder te zwak, dan wordt het kind een schurk.



