Citaten 1 t/m 10 van 36.
-
Politicus: man die het tegendeel bedoelt van wat ie ten onrechte heeft willen ontkennen en het dan toch maar bevestigt onder voorbehoud.
-
Niet met eigenliefde, maar juist met haar tegendeel is egoïsme identiek. De narcistische mens blijkt in diepste grond niet op zichzelf verliefd, maar juist van afkeer en haat jegens zichzelf vervuld.
-
De dwaling der literatoren bestaat in het geloof, dat alleen de geest eerbaar zou maken. Veeleer het tegendeel is waar. Alleen waar geen geest is, bestaat eerbaarheid.
-
Men doet het voorkomen alsof haat en liefde elkaars tegendeel zijn. Tegenover beide staat onverschilligheid.
-
Hoop is datgene in ons, dat volhoudt, ondanks alle bewijzen van het tegendeel, dat er iets beter ons te wachten staat als we de moed hebben om ernaar uit te reiken, om ervoor te werken en om ervoor te vechten.
-
Een waarheid is iets wat noch bewezen noch weerlegd kan worden. Voor een feit geldt precies het tegendeel. 'God is mens geworden' is een waarheid terwijl 'Napoleon werd verslagen bij Waterloo' een feit is.
-
Mensen denken dat herinnering verdriet brengt. Het tegendeel is waar. Verdriet komt met het vergeten.
-
Als er geen smart was zou men zich niet verheugen in het ervaren van vreugde. Het is smart die iemand helpt om vreugde te ervaren, want alles wordt onderscheiden door zijn tegendeel.
-
Gemakkelijk woorden en uitdrukkingen gebruiken zonder ze al te kritisch te bekijken is in het algemeen gesproken geen teken van gebrek aan opvoeding. In tegendeel, er zit iets onbeschaafds in het te precies zijn. Maar soms valt er niet aan te ontkomen.









