Citaten 81 t/m 90 van 171.
-
Erg lang valt men niet in de smaak als men maar één soort van geest heeft.
-
Het kind dat gedurende de lange busrit de hele tijd over je heen heeft zitten klauteren, valt in een diepe slaap één halte voor je moet uitstappen.
-
Het valt sommige mensen moeilijk te eindigen wanneer zij klaar zijn.
-
Ik sluit mijn ogen en de hele wereld valt dood; ik open mijn ogen en alles is wedergeboren.
-
Je valt uit de lucht, ergens ooit - en dat noemen ze dan je thuis of zo.
-
Niets keert tot niets terug, maar alles valt in zijn elementen uiteen.
-
Of je nu verstandelijk denken na korte of lange tijd overschrijdt, het leidt altijd tot een staat van zijn. Dat er niets te bereiken valt, is geen onzin, maar een feit.
-
Ontmoeten wij iemand, die ons dank schuldig is, terstond valt het ons in. Hoe vaak ontmoeten wij echter iemand, wie wij dank schuldig zijn, zonder daaraan te denken.
-
Over smaak valt niet te twisten. En de wansmaak buit dat handig uit.
-
Sta ergens voor of je valt voor alles. De machtige eik van vandaag is de noot van gisteren die standvastig bleef.