Citaten 111 t/m 120 van 209.
-
Er is altijd een deel van ons wezen, waar zelfs zij, die ons dierbaarder zijn dan ons eigen leven, niet binnen kunnen komen.
-
Geen menselijk wezen gelooft dat enig ander menselijk wezen recht heeft in bed te liggen als hij zelf op is.
-
Het laatste bedrijf is bloedig, hoe mooi de komedie en al het andere ook mag wezen; men werpt tenslotte wat aarde op uw hoofd, en 't is voor altijd gedaan.
-
Het vinden van de waarheid, dat is het naderen tot waarheid, zou niet zo moeilijk wezen, als we minder lafhartig waren. In zeer veel gevallen durven we niet weten wat waar is.
-
Hoe wijs moet men zijn, om altijd goed te wezen?
-
Ik - ik in de breedste zin van het woord, dat wil zeggen elk bewust denkend wezen dat zichzelf ooit als 'Ik' benoemd of ervaart heeft - is de persoon, als die er al is, die de 'beweging van de atomen' in overeenstemming met de natuurwetten brengt.
-
Ik tracht twee dingen te doen; radicaal te durven zijn en geen zot te wezen. Te oordelen naar wat ik om mij heen zie vertonen, is dit lang niet gemakkelijk.
-
Jong wezen in zijn jeugd is gemakkelijk, moeilijker en mooier is het jong te zijn wanneer de haren grijs worden.
-
Vechten is in wezen een mannelijk begrip; het wapen van de vrouw is haar tong.
-
Zodra een schrijfster aan het werk is, schrijven alle vooroordelen omtrent het wezen van de vrouw een woordje mee.