Citaten 61 t/m 70 van 209.
-
Hoewel we in een tijd leven waarin in wezen niemand in elkaar is geïnteresseerd, worden we overspoeld met informatie over anderen. Al die informatie ligt zomaar voor het grijpen. En toch weten we nauwelijks iets over de mensen om ons heen
-
Indien er op aarde een hoger wezen dan de mens bestond, zou dat ons instinct bewonderen, maar vaak spotten over ons verstand.
-
Probeer je niet te gedragen alsof je in wezen gezond en van nature goed bent. We zijn allemaal demente zondaars in dezelfde kosmische boot - en de boot zinkt voortdurend.
-
Wanneer de minnaar zelf bevrijd is van afhankelijkheid van zijn geliefde, omdat zijn liefde gerijpt is tot een stralend licht, welks wezen bestaat uit de ontbinding van het eigen ik in licht – dan zal ook de geliefde voltooid worden omdat zij vrij wordt van haar minnaar.
-
Wat ben ik? Zijn als ik ben, is dat iets om blij om te wezen?
-
Wie niet bot wil zijn, moet scherp wezen.
-
Zou het wezenlijke van de mens niet zijn, dat hij een wezen is dat zijn ervaringen onder woorden kan brengen?
-
Als je bedenkt dat er mensen zijn die geen hap door hun keel krijgen als ze niet in een door een marketingbureau uitgedacht restaurantconcept eten ('Cajun is een mengelmoes van de Indiaanse, Mexicaanse en Eskimose keuken...'), dan moet je wel tot de almaar terugkerende droevige conclusie komen dat de mens een kinderachtig wezen is, dat bedondert en bedonderd wil worden.
-
De heilige eendracht is het zout, dat huis en stad in wezen houdt.
-
De mens is een tijdelijk wezen dat alleen leeft door de wereld om zich heen te veranderen.