Citaten 51 t/m 60 van 86.
-
De Duitser heeft een hart voor religie, en hij wil er geen steen voor, zelfs de Steen der Wijzen niet.
-
De dwaasheid der wijzen is altijd nog meer waard dan de wijsheid der dwazen.
-
De dwazen hebben hun hart in de mond, maar de wijzen hebben hun mond in het hart.
-
De wijze, waarop de wereld rekening met ons houdt, staat meestal in een nauwer verband met de aanspraken, die wij doen gelden, dan met de verdiensten die wij vermogen aan te wijzen.
-
De wijzen hebben meer te leren van de dwazen dan de dwazen van de wijzen.
-
Een wijze en een dwaas begrijpen elkaar gemakkelijker dan twee wijzen.
-
Gij zult van mij een lofrede horen, maar niet op helden of op wijzen, doch op mij zelf; de dwaasheid.
-
Hij is reeds wijs, die de wijzen begrijpt.
-
Ik zou gaarne schenken en uitdelen, tot de wijzen onder de mensen zich weer eens verheugd hebben in hun dwaasheid, en de armen in hun rijkdom.
-
Menige man, die je nog niet de weg naar de kruidenier kan wijzen, vindt een aandachtig gehoor wanneer de ouderdom zijn geest nog verder heeft aangetast.