Citaten 21 t/m 30 van 590.
-
Slechts wanneer het schip vergaat, ziet men wie kan zwemmen.
-
De liefde heerst niet, maar zij vormt, en dat is meer.
-
Als je alle wetten zou moeten bestuderen, zou je geen tijd meer hebben ze te schenden.
-
Dwazen en verstandige mensen zijn even onschadelijk; slechts de half zotten en halfwijzen, die zijn het gevaarlijkst.
-
Een grote fout: hoge eigendunk en een sterk minderwaardigheidsgevoel.
-
Men reist niet om ergens aan te komen, maar om te reizen.
-
Wie geen vreemde talen kent, weet niets van zijn eigen taal.
-
Alleen wie het verlangen kent weet wat ik lijd.
-
Wensen zijn voorgevoelens van de mogelijkheden die in ons liggen.
-
De haat is een drukkende last; hij doet het hart diep in de borst wegzinken, en ligt als een grafsteen zwaar op alle vreugden.